Wat er te zien valt in Armenië | Page 3

Noel Dolens
Rusland met Georgi?rs en Tscherkessen, en in het Zuiden met verschillende mohammedaansche stammen, Turkomanen en Tartaren, zijn zeer bedreven in besproeiing en veldarbeid, en weten uitstekend partij te treken van de smalle stroompjes, die van de hoogten vloeien. Door deze vlakten stroomen groote rivieren, benevens een aantal kleinere zijtakken, die van nog meer belang zijn. Armeni? is even rijk aan rivieren als Frankrijk. In het Oosten zien wij de Araxe, die zich met den Koeros vereenigt, kort voor deze zich uitstort in de Kaspische zee. De Araxe, die langs de Noordzijde van het gebergte Ararat stroomt, vormt de grens tusschen Armeni? en Perzi?. Het stroomgebied dezer rivier is uiterst vruchtbaar en rijk bebouwd; het klimaat is er gematigd in de bergen, en in de dalen warm.
In het midden besproeit een tak van den Eufraat, (de Kara Soe of Zwart water in het Turksch) de heerlijke vlakte van Erzeroem, eer zij zich naar het Zuiden wendt, om zich met den anderen tak, de Moerad Soe, te vereenigen en daarna den eigenlijken Eufraat te vormen, die met zijn bijrivier, de Sultan Hoe, door de vruchtbare vlakte van Malatia kronkelt, eer hij Zuidwaarts stroomt naar Mesopotami?.
De Moerad Soe doorloopt de geheele Westelijke helft van Kurdistan van het koude Noorden, tot het verschroeiende Kharpoet in het Zuiden. Eveneens treffen wij in het Zuiden de twee stroomen aan, die door hun samenvloeiing den Tiger vormen, terwijl een bijvloed van deze rivier, de Bitlis Soe, door de stad van dien naam en de vlakte van Sert stroomt.
Het Noorden des lands is niet minder rijk aan stroomen.
Drie rivieren kronkelen daar door vruchtbare vlakten, eer zij zich uitstorten in de Zwarte Zee. De Tschorokh besproeit het dal van Ba?boert, neemt vervolgens den Tortoem Soe op en wendt zich dan naar russisch Trans-kaukasi?, om zich in de Zwarte Zee uit te storten. In het Westen heeft de rijke landstreek Tokat haar vruchtbaarheid te danken aan de Yechil-Irmak, die evenwijdig loopt met den grooten Kezil-Irmak, waaraan de belangrijke stad Sivas ligt.
De bergketens, die deze vlakten omringen, en de dikwijls zeer hooge bergwanden, die ze scheiden, vangen een voldoende hoeveelheid regen en sneeuw op, om in het voorjaar zich te bedekken met gras, dat voedsel levert voor de kudden, en in de valleien, waarheen de stroomen vloeien, die van hun toppen naar beneden dalen, grazige weiden te vormen, die, als de winter niet te lang aanhoudt, tweemaal per jaar een rijken hooioogst opleveren. Toch is een groot gedeelte van den bodem in Armeni? onvruchtbaar. Al groeit nog koren op een hoogte van 2500 M., de plaatsen, die geschikt zijn om bebouwd te worden, zijn schaarsch in aantal; het gras groeit alleen d����r, waar de rotsen langzaam zijn vergruisd en in vruchtbare aarde overgegaan, doch zeer vele plaatsen in deze bergketens zijn vulkanisch, en vertoonen niet anders dan lava en granietvormingen. Daar de bosschen overal zijn verdwenen, en men weken lang kan reizen zonder een boom te zien, heeft het land een treurig en verlaten voorkomen. Niets is zoo droefgeestig, als het gezicht van die kale hoogten, in eindelooze opeenvolging, die doen denken aan de ruggen en de logge ledematen van reusachtige, versteende, voorwereldlijke dieren. Wanneer de weg langs den voet dier gebergten leidt, zooals bij Kop Dagh, op den weg naar Trebizonde, ziet men niet anders dan steenachtige hellingen, zoo ver het oog reikt, waarboven nog enkele besneeuwde toppen zich verheffen. Alleen de middenloop der Kara Soe en die van den Tschorokh kenmerken zich door meerdere schilderachtigheid.
De vulkanen zijn hier bijzonder talrijk, zooals trouwens overal in Klein-Azi?. De Ararat was ook een vulkaan, waarvan de krater voor de helft is ingestort.
In het Zuiden liggen in een rij de Tend?rek, die nog werkt, de Sipan en de Nimroed, die zich verheffen boven het meer Van. De vorming van hun kraters is zeer merkwaardig. Reusachtig groot, vormen zij een volkomen cirkelvormige kom, zoo regelmatig, dat zij door menschenhanden schijnt uitgehold, en waarin men op den bodem een heldere waterplas ziet, in den vorm van een halve maan, naast een grasvlakte, waarop de prachtigste bloemen groeien, die nergens anders in de omstreken worden aangetroffen.
Het is niet te verwonderen, dat deze ligging der armenische hoogvlakten, die zoo streng zijn omcirkeld en afgesloten, heeft medegewerkt tot de vorming van vele stilstaande wateren, die geen afvoer vinden. Een aantal kleine meren strekt zich uit tusschen de Zwarte en Kaspische en Middellandsche Zee. Het belangrijkste is dat van Tortoem, dat bij zijn uitstorting in de rivier van dien naam een waterval vormt, dien Elis��e Reclus den schoonsten van Klein-Azi? noemt. Kleine binnenzee?n vormen het meer Goktscha in Rusland, dat van Van in Turkije, en van Oermiah in Perzi?. Het laatste grenst enkel aan de Westzijde aan het grondgebied van het oude Armeni?. Het meer Goktscha is ook eerst in den laatsten tijd armenisch geworden. Het meer Van is
Continue reading on your phone by scaning this QR Code

 / 55
Tip: The current page has been bookmarked automatically. If you wish to continue reading later, just open the Dertz Homepage, and click on the 'continue reading' link at the bottom of the page.