opteekenen der balladen en heldendichten van het volk, doch met het aanleggen van biografie?n van andere monniken of van dezen of genen vorstelijken beschermheer.
Die Servi?rs, welke het onder het verlammende bestuur van den Sultan niet konden harden, emigreerden in de zeventiende eeuw met hun patriarch Arsen Tcharnoyevitch, naar de vlakten van Zuidelijk Hongarije. In den loop der twee volgende eeuwen wijdden zij zich daar aan de pseudoklassieken van het Westen. Zij beschouwden het infra dignitatem over zulke vulgaire onderwerpen als populaire dichtkunst en overleveringen te schrijven. De begaafde afstammelingen van die beklagenswaardige slachtoffers der sluwe Oostenrijksche en Pan-Russische invloeden verspilden hun talenten in ijdele en leege nabootsing der pseudo-klassieke voortbrengselen van Itali? en Frankrijk, en door volijverig de Servische en Oud-Slavische werkwoorden op de Russische wijze te vervoegen, schiepen zij een monsterachtig letterkundig jargon, dat zij noemden Slavyano-Serbski (d.i. Slavisch-Servisch). En als eenig Servisch schrijver zich zou vermeten hebben in het welluidende en onvervalschte Servisch te schrijven, dat algemeen in zijn vaderland gesproken werd, zou hem de vloek getroffen hebben van die op een dwaalspoor gebrachte Slavisch-Servische "bestudeerders der Klassieken", die er innig van overtuigd waren, dat de roem in de nationale litteratuur alleen te behalen was door te schrijven in een taal, die ze zelf nauwelijks begrepen, en die tengevolge van de volkomen inconsequentie en willekeurige veranderingen ook onverstaanbaar was.
De "bestudeerders der klassieken" kregen hun verdiende loon in de eerste helft van de negentiende eeuw, toen zij overstroomd werden door den niet te weerhouden vloed van de populaire beweging, aan welker spits de boer Vouk Stephanovitch-Karadgitch stond, een man, die zich zelf gevormd had en wiens naam voor altijd groot zal blijven in de geschiedenis van de Servische letterkunde. Karadgitch is met recht de vader van de Servische moderne litteratuur genoemd. Zijn ontelbare tegenstanders trachtten hem te verpletteren onder de meest beleedigende benamingen, waaraan hun pen en hun tong uitdrukking konden geven, maar eindigden, na meer dan vijftig jaren van vruchteloozen weerstand, met hun armen wijd voor hem te openen.
Karadgitch schiep een spraakkunst van de Servische volkstaal, waaruit hij alle onnoodige graphische teekens verbande; zijn alphabet van dertig letters paste zich volkomen aan bij de dertig klanken (vijf klinkers en vijf en twintig mede-klinkers) van zijn moedertaal--en dientengevolge ontstond een ideale phonetische orthografie, waarin de gulden regel gevolgd kon worden: schrijf zooals gij spreekt en spreek zooals gij schrijft. [7] Hij is van het eene dorp naar het andere door Servi? gereisd, volijverig de epische en lyrische gedichten verzamelend en neerschrijvend de legenden en overleveringen, die hij van de lippen der barden opving en van verhalers, niet alleen van beroepszangers, maar ook van amateurs.
In zijn pogingen werd hij krachtig gesteund door de Servische regeerende vorsten en hij had het geluk zich de intieme vriendschap te verwerven der beroemde philologen en geleerden van de laatste eeuw: Bartholemy Kopitar, Schaffarik en Grimm. Geholpen door Kopitar slaagde Karadgitch er in een academische dictionnaire samen te stellen van de Servische taal vertolkt door Latijnsche en Duitsche equivalenten. Dit blijft tot op heden de eenig betrouwbare Servische dictionnaire, die den Westerschen standaard van zulke boeken nadert. Zijn eerste verzameling van Servische populaire gedichten werd in 1814 in Weenen uitgegeven. Ze bevatte 200 lyrische zangen, die hij noemde zenske pyesme (d.i. vrouwenzangen) en 23 heldenballaden. Dit boek verwekte opzien in de letterkundige kringen van Oostenrijk, Servi?, Duitschland, Rusland en andere landen. Zeven jaar later deed Karadgitch in Leipzig een tweede uitgave in drie deelen het licht zien. Deze uitgave bevatte 406 lyrische zangen en 117 heldendichten. Aan deze uitgave ontleende Sir John Bowring de stof voor zijn metrische vertaling van enkele der lyrische en epische gedichten, die hij in 1827 uitgaf onder den titel Servische Populaire Po?zie. Hij droeg het boek op aan Karadgitch, die zijn intieme vriend was en leeraar in het Servisch. [8]
Ik heb drie van Bowrings balladen in dit boek overgenomen, om den lezers ook een getrouwere weergave van het oorspronkelijke vers te bieden dan mogelijk is in proza. Wat de dichterlijke verdiensten betreft van deze metrische vertalingen, ik wil mij niet aanmatigen er een oordeel over te vellen, maar het moge mij vergund zijn te zeggen, dat ik geen getrouwer vertaling heb gezien van onze nationale balladen en lyrische zangen, noch in het Engelsch, noch in eenige andere taal. De moeilijkheden in aanmerking genomen, die de bestudeering van elke Slavische taal (en dit geldt vooral van de Servische) den Angel-Sakser biedt, is het verwonderlijk hoe weinig onvolkomenheden het werk van Bowring aankleven. Sir John moet een ongewoon talent voor vreemde talen hebben bezeten, daar hij ook uit ieder van de andere Slavische talen vertaald moet hebben en--naar mij is medegedeeld--met dezelfde stiptheid en nauwgezetheid.
De derde uitgave van het werk van Karadgitch verscheen in Weenen, tusschen de jaren 1841 en 1866. Het was nu gegroeid tot vijf deelen en bevatte 1112 lyrische

Continue reading on your phone by scaning this QR Code
Tip: The current page has been bookmarked automatically. If you wish to continue reading later, just open the
Dertz Homepage, and click on the 'continue reading' link at the bottom of the page.